Naar de inhoud
Op de wachtlijst

KOR in de bouw: waarom de regeling een zzp'er vaak geld kost

De kleineondernemersregeling geeft vrijstelling van btw onder € 20.000 omzet. Wie met verlegde btw factureert, brengt toch al geen btw in rekening en verliest alleen zijn aftrek.

Zirko RedaktionGepubliceerd: Bijgewerkt: 9 min lezen

Inhoud

De KOR en de kleineondernemersregeling zijn hetzelfde: KOR is de afkorting, de kleineondernemersregeling is de naam die in de wet staat. De regeling klinkt als een cadeau: onder € 20.000 omzet hoef je geen btw te rekenen, geen aangifte te doen en geen btw-administratie bij te houden. Voor een kapper of een fotograaf is dat vaak ook zo.

Voor een onderaannemer in de bouw is het meestal een slechte deal, en de reden is eenvoudig: op je facturen aan andere bouwbedrijven staat toch al geen btw, want die is verlegd. Aan de kant van je klant verandert er dus niets. Wat wél verandert is dat je de btw op je kosten niet meer terugkrijgt — de bus, het gereedschap, het materiaal. Je geeft iets weg en krijgt er niets voor terug.

Dat is niet onze redenering, het is die van de Belastingdienst zelf. Hij heeft er een rekenvoorbeeld voor gemaakt met precies deze situatie.

Wat de KOR is

Artikel 25a lid 1 Wet op de omzetbelasting 1968:

"Een ondernemer die in Nederland is gevestigd en van wie de jaaromzet in Nederland niet meer bedraagt dan € 20.000 kan kiezen voor toepassing van vrijstelling van belasting ter zake van door de ondernemer in Nederland verrichte leveringen van goederen en diensten."

Het is dus een vrijstelling waarvoor je kiest, geen automatisme. En de keuze heeft een prijs, die in lid 4 staat:

"De ondernemer die de vrijstelling toepast, heeft geen recht op aftrek van belasting en mag op de factuur op geen enkele wijze melding maken van omzetbelasting."

"Op geen enkele wijze" is letterlijk bedoeld: geen bedrag, geen percentage, ook niet ter informatie.

Welke omzet meetelt — en waarom dat voor de bouw uitmaakt

De teller is niet je bankafschrift. Artikel 25 lid 1 onderdeel a definieert de jaaromzet in Nederland als het totaal van de vergoedingen voor onder meer "leveringen van goederen en diensten, voor zover die zonder toepassing van artikel 25a, eerste lid, belast zouden zijn in Nederland".

Daar zit het antwoord op de vraag die elke onderaannemer stelt: telt werk met verlegde btw mee? Ja. Bij verlegging is de prestatie in Nederland gewoon belast; alleen wordt de belasting van je afnemer geheven in plaats van van jou. Zonder de KOR zou die omzet belast zijn — dus telt hij mee.

Wat er niet meetelt (lid 2): de vergoeding voor de verkoop van onroerende zaken die je in je bedrijf gebruikte, en van roerende zaken waarop je afschrijft. Verkoop je je oude bestelbus, dan schiet je daardoor niet per ongeluk over de grens.

Het rekenvoorbeeld van de Belastingdienst — twee onderaannemers, twee uitkomsten

De Belastingdienst heeft een voorbeeldpagina die letterlijk "onderaannemer in de bouw, btw verlegd" heet. Twee ondernemers, allebei onder de grens: "in het vorige kalenderjaar was zijn/haar omzet niet meer dan de omzetgrens van de KOR: € 20.000." Voor allebei geldt: "Hij/zij is geen btw verschuldigd want de btw is verlegd."

  • Henk, omzet € 3.000, weinig kosten. Voor hem weegt de administratieve verlichting zwaarder: hij bespaart op zijn boekhouding.
  • Dorien, omzet € 15.000, maar € 1.470 aan btw die zij op haar kosten terugvraagt. "Als Henk/Dorien deelneemt aan de KOR, mag hij/zij geen btw meer terugvragen." Zij doet het niet.

Dat is de hele afweging in twee zinnen: het voordeel is minder administratie, de kosten zijn je hele aftrek. In een vak met materiaal, gereedschap, een bus en brandstof valt die rekensom bijna altijd de verkeerde kant op.

De val: overschrijding tijdens het jaar

Dit is het punt waar bouwbedrijven het duurst uit zijn, omdat één grote klus je erover kan tillen.

Artikel 25a lid 9, laatste volzin:

"In de hiervoor bedoelde gevallen komt de ondernemer ook niet in aanmerking voor de vrijstelling in het daaropvolgende kalenderjaar of is de vrijstelling niet langer van toepassing voor de levering van het goed of de dienst waardoor die overschrijding tot stand komt, gedurende het resterende kalenderjaar en het daaropvolgende kalenderjaar."

Lees dat nauwkeurig: de levering waardóór je eroverheen gaat, valt zelf al buiten de vrijstelling. Je gaat niet vanaf de volgende factuur btw rekenen — je moet het al doen op de factuur die de grens breekt. Wie op € 19.000 zit en een klus van € 4.000 aanneemt, moet over die hele klus btw rekenen.

En het duurt door: de rest van dat jaar én het hele volgende kalenderjaar. Eén goede zomer betekent dus anderhalf jaar gewoon btw-plichtig zijn.

Aanmelden, opzeggen, en de "drie jaar" die geen drie jaar is

Aanmelden (lid 5): je meldt het bij de inspecteur, en de vrijstelling geldt "vanaf het eerstvolgende belastingtijdvak dat minimaal vier weken na ontvangst van de melding aanvangt". Je meldt je dus minstens vier weken van tevoren.

Opzeggen (lid 7): "De beëindiging van de vrijstelling wordt van kracht op de eerste dag van het eerstvolgende kalenderkwartaal dat minimaal vier weken na ontvangst van de wederopzegging aanvangt." Ook hier vier weken.

En dan de zin die vaak wordt samengevat als "je zit er drie jaar aan vast":

"De ondernemer kan na de beëindiging door wederopzegging pas na het verstrijken van het kalenderjaar waarin de vrijstelling is beëindigd en het daaropvolgende kalenderjaar opnieuw de vrijstelling toepassen."

Dat is nauwkeuriger dan "drie jaar". Zeg je in maart 2027 op, dan kun je pas per 2029 weer meedoen: 2027 (het jaar van beëindiging) en 2028 moeten eerst voorbij zijn. Zeg je in december 2027 op, dan geldt hetzelfde. De maand waarin je opzegt maakt niet uit; het jaar wel.

De btw op je bus: herziening bij in- en uitstappen

Dit is de kostenpost die mensen niet zien aankomen. Heb je vorig jaar btw teruggevraagd op een investering en stap je nu in de KOR, dan wordt die aftrek herzien.

Artikel 13 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 geeft de termijnen:

WatHerzieningsperiodePer jaar
Onroerende zaken"in elk van de negen boekjaren, volgende op dat waarin de ondernemer het goed is gaan gebruiken"een tiende deel
Roerende investeringsgoederen waarop je afschrijft, en investeringsdiensten vanaf € 30.000"in elk van de vier boekjaren, volgende op dat waarin de ondernemer het goed of de investeringsdienst is gaan gebruiken"een vijfde deel

Er is één verzachting, en die is speciaal voor de KOR geschreven (lid 4): wanneer de herziening het gevolg is van het aanvangen of beëindigen van de vrijstelling, blijft zij "in ieder geval achterwege wanneer het bedrag van de herziening in dat boekjaar minder is dan € 500".

Concreet: koop je in 2026 een bestelbus en trek je € 8.000 btw af, en stap je in 2027 in de KOR, dan komt er per jaar € 1.600 in beeld — ruim boven de € 500. Die reken je terug. Een KOR-besluit dat vlak na een grote investering wordt genomen, is meestal een duur besluit.

Twee regelingen die er dicht tegenaan liggen

De registratiedrempel. Onder de KOR zit nog een kleinere drempel: wie zich helemaal niet hoeft te melden. Artikel 25b lid 1 stelt drie voorwaarden, waarvan de eerste een bij ministeriële regeling vastgesteld bedrag is. Dat bedrag staat in artikel 25 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968: € 2.200. Wie daaronder blijft, zich niet voor de btw heeft gemeld en dat ook niet hoeft, en de vrijstelling niet in andere lidstaten toepast, is ontheven van de verplichtingen van de artikelen 34 en 34c tot en met 35b. Dat is het niveau van een echte bijverdienste, niet van een bedrijf.

De EU-KOR. Werk je ook over de grens, dan kun je de vrijstelling in andere lidstaten toepassen. Daarvoor moet je volgens artikel 25c een voorafgaande kennisgeving aan de inspecteur richten en "in Nederland door de inspecteur zijn geïdentificeerd door een individueel nummer met het achtervoegsel «EX»". De inspecteur deelt dat nummer mee "binnen 35 werkdagen na ontvangst van de voorafgaande kennisgeving", tenzij je jaaromzet in de Unie boven € 100.000 uitkomt.

Voor bouwwerk over de grens is dit meestal een zijspoor: werk aan een onroerende zaak is belast waar het pand staat, en dan speelt vooral het btw-regime van dát land.

Eén meevaller: je factuur mag korter

Doe je mee met de KOR, dan mag je volstaan met een vereenvoudigde factuur. Dat staat in artikel 34d lid 1 onderdeel c van de Wet OB. Je hebt dan alleen de uitreikdatum, je identiteit, de aard van het geleverde en het te betalen belastingbedrag nodig — dat laatste is bij vrijstelling nihil. Vermeld wel duidelijk dat je de kleineondernemersregeling toepast, zodat je klant niet naar een btw-bedrag gaat zoeken.

De vier vragen die de beslissing maken

  1. Hoeveel btw vraag je nu per jaar terug op je kosten? Dat bedrag ben je kwijt. Kijk in je laatste vier aangiftes.
  2. Factureer je vooral met verlegde btw? Dan levert de KOR je klanten niets op, want die betaalden toch al geen btw aan jou.
  3. Heb je de afgelopen vier jaar een bus, machine of aanhanger gekocht met btw-aftrek? Reken de herziening uit vóór je iets meldt.
  4. Kan één klus je over de € 20.000 tillen? Dan is die klus zelf al belast, en zit je er anderhalf jaar aan vast.

Zit je onder de € 20.000, heb je nauwelijks kosten en factureer je aan particulieren, dan is de KOR een prima keuze. In alle andere gevallen is de rekensom van Dorien die van jou.

---

Stand: 24 augustus 2026. Dit artikel geeft de wettelijke regeling weer en is geen fiscaal advies. Of de KOR in jouw situatie voordelig is, hangt af van je omzet, je kosten en je klantenbestand; reken het door met je boekhouder voordat je je meldt.

Wat Zirko doet: het nultarief voor de KOR is als apart tarief ingericht, naast 21 %, 9 %, het nultarief voor zonnepanelen, verlegde btw en intracommunautaire levering — zodat een KOR-factuur eruitziet zoals de wet hem wil en er nergens per ongeluk een btw-bedrag op belandt. Wat Zirko niet doet: je omzetgrens bewaken of adviseren of de KOR voor jou verstandig is. Dat is een keuze met gevolgen voor jaren, en die hoort bij jou en je boekhouder, niet bij een programma.

Het scherm met inkoopfacturen: bovenaan het vak om facturen per e-mail te ontvangen met het toegewezen adres en de knop om het te kopiëren, daaronder de tabel met leverancier, factuurnummer, datum, bedrag, kostentoewijzing en status — dit zijn de kosten waarvan je de btw-aftrek opgeeft zodra je voor de KOR kiest.
Het scherm met inkoopfacturen: bovenaan het vak om facturen per e-mail te ontvangen met het toegewezen adres en de knop om het te kopiëren, daaronder de tabel met leverancier, factuurnummer, datum, bedrag, kostentoewijzing en status — dit zijn de kosten waarvan je de btw-aftrek opgeeft zodra je voor de KOR kiest.

Veelgestelde vragen

Wat is de omzetgrens van de KOR?

Twintigduizend euro. Artikel 25a lid 1 van de Wet op de omzetbelasting 1968: een ondernemer die in Nederland is gevestigd en van wie de jaaromzet in Nederland niet meer bedraagt dan € 20.000 kan kiezen voor toepassing van vrijstelling van belasting ter zake van door de ondernemer in Nederland verrichte leveringen van goederen en diensten.

Telt omzet met verlegde btw mee voor de € 20.000?

Ja. De jaaromzet in Nederland omvat volgens artikel 25 lid 1 onderdeel a leveringen en diensten voor zover die zonder de KOR belast zouden zijn in Nederland. Bij verlegging is de prestatie in Nederland belast — alleen betaalt je afnemer de btw. In het rekenvoorbeeld van de Belastingdienst over onderaannemers in de bouw wordt die omzet dan ook gewoon aan de grens getoetst.

Wat gebeurt er als ik de grens tijdens het jaar overschrijd?

De vrijstelling vervalt meteen voor de levering waarmee je eroverheen gaat. Artikel 25a lid 9: de vrijstelling is niet langer van toepassing voor de levering van het goed of de dienst waardoor die overschrijding tot stand komt, gedurende het resterende kalenderjaar en het daaropvolgende kalenderjaar. Die ene factuur is dus al belast.

Mag ik btw op mijn factuur zetten als ik de KOR toepas?

Nee, en de wet is daar streng in. Artikel 25a lid 4: de ondernemer die de vrijstelling toepast, heeft geen recht op aftrek van belasting en mag op de factuur op geen enkele wijze melding maken van omzetbelasting.

Hoe meld ik me aan en hoe lang zit ik eraan vast?

Je meldt je bij de inspecteur; de vrijstelling gaat in vanaf het eerstvolgende belastingtijdvak dat minimaal vier weken na ontvangst van de melding aanvangt (artikel 25a lid 5). Opzeggen kan per het eerstvolgende kwartaal, maar daarna kun je pas opnieuw meedoen na het verstrijken van het kalenderjaar waarin de vrijstelling is beëindigd én het daaropvolgende kalenderjaar (lid 7).

Moet ik btw terugbetalen op spullen die ik al heb gekocht?

Mogelijk wel. Bij het aan- of afmelden wordt de eerder afgetrokken btw op investeringsgoederen herzien. Volgens artikel 13 van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 loopt die herziening voor roerende investeringsgoederen over vier boekjaren volgend op ingebruikname, telkens een vijfde deel, en voor onroerende zaken over negen boekjaren, telkens een tiende deel. De herziening blijft achterwege als het bedrag in dat boekjaar minder is dan € 500.

Bestaat er ook een KOR voor het buitenland?

Ja, sinds de invoering van de EU-KOR. Een in Nederland gevestigde ondernemer kan de vrijstelling in andere lidstaten toepassen na een voorafgaande kennisgeving aan de inspecteur en identificatie met een individueel nummer met het achtervoegsel EX (artikel 25c Wet OB). De jaaromzet in de Unie mag daarbij niet meer dan € 100.000 bedragen.

Verder lezen

Bronnen

Terug naar het overzicht